Uitzenden volgens nieuw, pittig, recept van de SER

Uitzenden volgens nieuw recept van de SER. Maar smaakt het ook beter? Marcel Reijmers Door Marcel Reijmers, FlexKnowledge Afgelopen weken schreef ik al over het aflopen van de CAO voor Uitzendkrachten en gaf een recept voor de nieuwe CAO voor Uitzendkrachten. Daarna volgden de ontwikkelingen elkaar snel op: vakbonden FNV, CNV en De Unie stapten uit het overleg en de LBV sloot een dag later alsnog een akkoord met ABU en NBBU. Het resultaat: een ongewijzigde CAO die loopt tot 1 oktober. De andere bonden schreeuwden moord en brand en eisten dat het akkoord nietig verklaard zou worden. En op 2 juni was er ineens een advies van de SER. En laat dat nou heel erg lijken op de eisen die de vakbonden hadden neergelegd voor de cao-onderhandelingen…. Zo’n advies van de SER komt echt niet van de ene op de andere dag tot stand. Zou al het gekrakeel van afgelopen week een opzetje geweest zijn? Achterkamertjespolitiek? Oude bestuurscultuur? Wie het weet mag het zeggen, maar ik geloof niet in dit soort toeval. Ik heb het SER-advies, voor wat betreft arbeidsrecht, voor u samengevat. Reguleren van contracten Het uitgangspunt is dat bij structureel werk een contract voor onbepaalde tijd hoort. Flexibele arbeidsrelaties zijn nodig, maar mogen niet langer worden gebruikt om te concurreren op arbeidsvoorwaarden. Om het beruchte waterbedeffect te voorkomen, moet er een integrale aanpak komen, dat als één geheel wordt ingevoerd. Reguliere arbeid Er mogen straks drie tijdelijke contracten worden gegeven gedurende maximaal drie jaar. Dat klinkt bekend. Nieuw is dat de onderbrekingstermijn die nu zes maanden is, komt te vervallen. Met andere woorden, hij wordt oneindig. Dat betekent na drie jaar: contract voor onbepaalde tijd of eruit en nooit meer terugkomen! Als het lukt om dit in de wet goed vast te leggen, is het zo op het eerste gezicht definitief gedaan met álle draaideuren, waarbij mijn aanname dan wel is dat die onderbrekingstermijn ook bij opvolgend werkgeverschap geldt. Uitzonderingen, bijvoorbeeld voor studenten en seizoensarbeid, worden in de wet vastgelegd en afwijken bij CAO wordt niet meer toegestaan. Alle oproepcontracten worden afgeschaft en vervangen door contracten met een kwartaalurennorm. Flexibel in de invulling van de uren, maar wel een vast loon per periode. Dit komt 1 op 1 uit de eisen van de vakbonden voor de CAO voor Uitzendkrachten. Begint u te voelen, waarom ik niet in toeval geloof? Die eisen dateren namelijk al van september vorig jaar…. Uitzendarbeid Voor de uitzendbranche wordt een aantal voorstellen gedaan die de kosten verhogen en de flexibiliteit verkorten. Als deze voorstellen in wetgeving worden omgezet lijkt het verschil met payrollen zoals we dat sinds de WAB kennen, wel héél klein te worden. Ik ben benieuwd of dat dan nog wel een aparte definitie van payrollen rechtvaardigt, of dat uitzenden en payrollen weer hetzelfde worden. Uitzenden moet terug naar ‘Piek en Ziek’. Structurele banen zouden niet (meer) ingevuld moeten worden door uitzendkrachten, alleen omdat die goedkoper zijn. De aanbevelingen van de commissie Roemer uit het advies ‘Geen tweederangsburgers etc. ’ (pagina 19) zouden onverkort overgenomen moeten worden. Het gebruik van het uitzendbeding en de uitsluiting van de loondoorbetalingsplicht (kortweg fase A) gaat terug van 78 naar 52 weken en die termijn kan niet meer bij CAO worden verlengd. Net als bij de reguliere contracten zou ook hier de onderbrekingstermijn oneindig moeten worden. Daardoor kan een uitzendkracht na afronding van fase A bij hetzelfde uitzendbureau nooit meer terugvallen naar het begin van fase A. In de CAO wordt dan vervolgens vast weer geregeld dat dat ook geldt als binnen het concern van werkgever wordt gewisseld en dat de rechten volledig meegaan bij (verplichte) wisseling van werkgever om de baan bij dezelfde opdrachtgever te kunnen behouden. Fase B gaat terug van 4 jaar naar 2 jaar. In die periode mogen, net als nu, 6 contracten worden gegeven. De totale uitzendperiode wordt daarmee gelijk aan de drie jaar uit het reguliere arbeidsrecht. Ook hier vervalt de onderbrekingstermijn, dus eenmaal fase B afgerond is voortaan altijd fase C bij een volgend contract. Uitzendwerk mag niet worden gebruikt om arbeidskosten te verlagen of arbeidsrechtelijke risico’s af te wentelen. De beloning voor de uitzendkrachten zou tenminste gelijkwaardig moeten zijn aan het totaal van arbeidsvoorwaarden bij de opdrachtgever. De uitwerking hiervan wordt bij werkgevers en werknemers gelegd. Ik doe alvast een voorzetje: in enkele cao’s staan nu al afspraken dat uitzendkrachten recht hebben op een extra percentage van het uurloon, dat dient ter compensatie van gemiste arbeidsvoorwaarden. Er staat ook nog bij dat het een niet-pensioengevende bruto vergoeding is. Doe dat a.u.b. op deze manier in álle cao’s!! Uitzendkrachten zouden geen wachttermijn meer moeten hebben voor het pensioen en de hoogte ervan moet marktconform worden. Kort samengevat: de adequate pensioenregeling ook voor uitzendkrachten? Hoe verder? Dit advies van de SER komt natuurlijk niet voor niets op dit moment. Het feit dat informateur Hamer ook voorzitter is van de SER garandeert dat het bij de onderhandelingen vast uitgebreid aan bod komt. Maar voorlopig hebben we nog geen nieuw kabinet en is dit rapport van de SER nog lang geen wetsvoorstel, laat staan een wet die door Eerste en Tweede Kamer is aanvaard. Als ze heel erg opschieten wordt het januari 2023. Er is echter wel een héle grote maar: De ‘nieuwe’ CAO voor Uitzendkrachten loopt tot 1 oktober. Ik gok erop dat bonden en werkgevers achter de schermen binnenkort weer gewoon met elkaar in gesprek gaan. Dan hebben ze dit rapport ook vast goed gelezen. Ga er dus maar vanuit dat in de échte nieuwe CAO voor Uitzendkrachten fase A per 1 januari 2022 teruggaat naar 52 weken en fase B naar 6 contracten in 2 jaar. De onderbrekingstermijnen blijven er nog even instaan tot ze wettelijk worden afgeschaft en de inlenersbeloning wordt uitgebreid met de nog ontbrekende primaire arbeidsvoorwaarden, zoals bonussen, winstdeling en eindejaarsuitkeringen. De rest komt dan als de nieuwe wet ingaat. Voor pensioenfonds StiPP rest dan de schone taak om toch die adequate pensioenregeling op te tuigen wat ze voor de payrollkrachten niet wilden doen. Dus de meeste ingrediënten uit mijn recept van 20 mei zijn gebruikt, maar de SER heeft het wel wat pittiger gemaakt! Of je het ook lekkerder vindt, hangt af van je smaak 😊. Wil je reageren? Neem dan contact op! Marcel Reijmers Directeur FlexKnowledge Lees ook Recept voor de nieuwe CAO voor Uitzendkrachten? SER adviseert nieuw kabinet: investeer in brede welvaart Principeakkoord over hervorming arbeidsmarkt
flexnieuws
03-06-2021 07:25